Vorige week ging ik nog eens samen met mijn vriendin Annie
shoppen in Antwerpen. Vanaf 1 juli waren daar de solden weer gestart en in
plaats van sterk afgeprijsde kledingstukken, kregen wij de indruk dat de
kledingzaken volgepropt waren met nieuwe goedkope rommelspullen. T-shirts,
bloesjes, zomerjurken en djellabas in allerlei kleuren tegen elkaar geperst.
We waren het erover eens, de laatste vijf jaar is niets
meer zoals het moet zijn in Antwerpen. Niet alleen in de Action of in de
Primark domineren hoofddoekverkoopsters maar nu ook in C&A en Hema begint
de religieuze tendens de overmacht te krijgen. Oké, ze werken, maar iets
vertelt me toch dat het niet integreren maar stilaan provoceren wordt. We mogen
met onze sjaal niet voor de klas staan en we mogen met onze doek niet achter
een openbaar loket zitten, dus nemen we gewoon het Antwerpse straatbeeld over.
Zelfs op de bus naar huis werd het pijnlijk duidelijk. Ik
stapte op en ging bijna helemaal achteraan zitten. Het gangpad werd ondertussen
geblokkeerd door twee kinderwagens. Een hoofddoek- Marokkaanse met een krijsend
kind en een negerin in een Afrikaanse pagne, een heel kleurrijke wikkelrok (sorry
ik blijf gewoon dit woke woord gebruiken, want je ziet ineens een volronde
zwarte vrouw voor je, met een kont waar je een volledig Ikea servies op kan
zetten). In haar kinderwagen lag een zoet lief klein zwartje braaf te slapen.
Bij de volgende halte stapte een Jodin op met een buggy . Betalen
daar deed ze niet aan. Het was bijna 40 gr op de bus, maar die mevrouw deed
lustig mee aan het grote religieuze carnaval. Platte schoenen, dikke kousen,
een plooirok, daarboven een dikke vest, een pruik en daarboven op een melig
hoedje. Het peutertje had al grote pijpenkrullen en een mini keppeltje op. Ik
vroeg me instant af, hoe dat keppeltje op dat bolleke bleef staan zonder bij
elke bots op de grond te vallen…Bij mij zou dit desastreus zijn.. maar ik zou
dan ook geen.. enfin
Al na één halte stapte de Jodin terug af. Te lui of te warm
om een stukje te wandelen. De éne eraf een volgende kinderwagen erop.
Een volledig ingepakte Indonesische moslima duwde haar
kinderwagen, zonder eventjes te wachten, tussen de benen van de afstappers door,
de bus op. Achter haar vier jongetjes met elk 10 cm verschil en één als een
paasei omzwachteld zesjarig meisje. Eén in de kinderkoets en één in de
monumentale buik.
De jongetjes liepen ineens naar de achterbank (juist achter
mij) waar ze lief naast elkaar konden zitten. De mama riep hen iets na en ze
gingen braaf met zijn vieren op twee stoelen zitten. Het meisje bleef bij mama
rondhangen.
Er was een reukje aan die jongens. Ik rook ineens een
putluchtje. Het beerputgeurtje werd intenser. Er kwamen twee jonge mannen de
bus op gesprongen. Ze schoven door naar de achterste stoelen. “Godmiljaar, ruik
jij dat ook? Er heeft er éne in zijn broek gescheten!”. “Ja nu je het zegt, das
ni normaal hé! Hebben jullie in je broek gekakt?” Ze knijpen met hun vingers
heel demonstratief in hun neus. Ze wijzen naar de vier Islamietjes, maar die
begrijpen er geen woord van. Nog niet voldoende Nederlands geleerd of nog maar
voor kort als gezinshereniging aangekomen waarschijnlijk!
Bij de volgende halte sta ik op, want ik krijg stilaan braakneigingen
en ga enkele banken naar voor in de bus zitten. De rioollucht is daar ietwat
dragelijker. Als de bus nu maar niet in een file terechtkomt want dan zijn we
allemaal goed gechareld! De bus rijdt een stukje naast een plantsoen met een
speeltuin en daar gaat de Indonesische pinguïn met haar zes dwergen van de bus
af. De strontlucht walmt achter hen aan.
Als ze daar naast de bus op het voetpad staan te wachten,
kan ik het niet nalaten om eventjes de rekening te maken. Zes, bijna zeven keer
kindergeld/groeipremies dus niet moeilijk dat onze regering die bodemloze
miljardenput niet gedempt krijgt! Nu maar te hopen dat die kansparel, die voor
dit jaarlijkse legsel verantwoordelijk is, wel degelijk werkt en niet leeft van
ons stempelgeld, ziekenkas of van een door onze regering goedgekeurd leefloon.
Men zegt, pecunia non olet, maar in dit geval…stinkt geld misschien toch een
beetje.
De bus rijdt verder met een vleugje Chanel nr Kak. De
Marokkaanse wuift met haar hand voor haar gezicht. “Het is hier warm hé!”
Manlief zou dan al dadelijk inpikken en zeggen “doe dan die sjaal af , stukken
beter en frisser hoor”. Maar manlief is er niet bij en ik hou wijselijk mijn
mond. Dit gebeurt niet veel, maar in tijden van….je weet maar nooit dat je
straks opgewacht wordt en een mes in je lijf krijgt.
Het krijsende kind is gelukkig stilgevallen en het
negerjongetje speelt ondertussen met een speelgoedgiraffe. Aan de halte bij het
hospitaal stappen deze twee kinderwagenmama’s af.
Er zitten nu nog zo’n zeven authentieke Vlamingen op de bus
die elkaar wat bedremmeld aankijken.
Ik ben allang blij dat deze ingevoerde roedel afstapt voor
ik aan mijn eigen halte ben.
Maar straks gaat de gemeente iets verder, na deze halte, een
verplichte sociale woningwijk optrekken… en dan rijden ze gegarandeerd weer allemaal
verder mee…
Toen ik ’s avonds naar Annie appte, wat ik op de bus
allemaal meegemaakt had, zei ze “je moet eens mee langs het Sint Jansplein en
de Dam rijden, je ogen rollen eruit!”
Sim, zonder hoofddoek en niks ervan is gelogen.
19.7.2026






