Vorige vrijdag was het weer zover, boodschappen doen.
Manlief bleef liever eventjes in de auto zitten, terwijl ik
snel een rondje Lidl deed.
Dat was de bedoeling, maar een ouder echtpaar slenterde zigzaggend
voor mij uit. Het was een wat ouder ogend paar zeventigers of een jonger ogend
stel tachtigers of zelfs negentigers. Wie zou het zeggen. Maar ze liepen
iedereen behoorlijk in de weg alsof ze de enige klanten in de winkel waren. De
man nam een tweetal peren uit het rek en deponeerde ze in de winkelkar.
Onmiddellijk nam de vrouw met veel gezucht het fruit er terug uit “Zeg je weet
dat je die niet meer kan kauwen Louis, leg terug!” “Maar, Maria, als ik ze in
kleine stukjes snij, dan gaat het toch nog” Wie moet die dan in kleine stukjes
snijden, hé?? Marie duwde de kar wat verder en kneep eerst wat in een koppel
nectarines alvorens ze die in de kar legde. “Wat gaan we vandaag eten?” Louis
keek aarzelend rond. Worteltjes misschien?” Weeral pekes, Louis, Pekes, pekes,
pekesstoemp! Ik heb al genoeg aan één oud peke zenne!!” Ze grinnikte, keek rond
alsof ze verwachtte dat ze bijval zou krijgen van de andere klanten, want ze
vond zichzelf heel hilarisch. “Zal ik spinazie nemen? Dan maak ik daar puree
mee!” “Maria er ligt nog een heel pak spinazie van vorige week in de ijskast!” “Dat
geloof ik niet Louis, dat zal je weer verkeerd gezien hebben”. Louis haalde
zijn schouders op en liep door, terwijl Maria heel demonstratief een bloemkool
in haar kar kieperde. “Lekker met worstjes, dat kunnen we nog goed bijten,
Louke!”
Vervolgens kwamen we aan het rek met de koekjes. Ik
manoeuvreerde mijn kar heel demonstratief, met een sorry, voor die van het
zaagkoppel.
De uiteenzetting van de zachte of de harde koeken moest ik
eventjes niet meer aanhoren. Toen ik aan de achterkant van deze afdeling naar
de flessen wijn stond te kijken, hoorde ik hun gekakel over de minuutsoepjes en
de kokosroom verder gaan. “Nee Louis, die kan je kopen, als je beloofd er maar
ééntje per dag te nemen, niet zoals gisteren vijf tegelijkertijd in je mond te
proppen, eventjes vergeten dat je diabetes hebt?? Godverd.. je lijkt wel een
klein kind.” “Maar Maria die vind ik helemaal niet lekker, vind ik niks aan.” “Tuttut,
die zullen we eens proberen”
Ik deed de rest van mijn boodschappen in snelmodus eventjes
de winkel rond. Op weg naar de kassa, kwam ik ze opnieuw tegen. Nog steeds
zwalpten ze van de ene naar de andere kant tussen de rekken, terwijl er achter
hen een tweetal klanten zich stilaan begonnen te ergeren.
Vrolijker waren ze er ondertussen niet op geworden. Zij met
een kop als een donderwolk, hij er moedeloos sleffend achteraan. Het was
waarschijnlijk de ruzie niet waard, maar op zijn hoofd stond bijna in grote
letters getatoeëerd “Hoe lang nog!”.
Ik was al lang blij dat mijn manlief dit toekomstbeeld niet
had moeten aanhoren…Het zag er niet veelbelovend uit!
Sim, 26 september 2026 met volle winkelkar naar buiten.



