zondag 24 mei 2015

VAN GOGH SURVIVALTOCHT




Saint-Rémy-de-Provence is een blauwluiken- stadje dat zich onderaan de bergketen ‘Les Alpilles’ bevindt. Al tijdens de Romeinse tijd vond men dit de ideale plek om van het zonnige zuiden te genieten. Onderweg naar het bergdorpje Les Baux, vindt men de Romeinse opgraving Glanum met zijn triomfboog. De via Dolmitia en de via Aurelia leiden nog steeds naar Rome.
De huizen die zich in het mistralvrije binnenstad bevinden, zijn allemaal terracotta-, vanillevla- en eierschaalkleurig. Ze weerkaatsen de meizon op al de toeristen die jaarlijks dit Provençaals stadje bezoeken. Overal bloeit oleander en geurt de kamperfoelie. Allerlei gezellige winkeltjes kleuren de nauwe straatjes en je moet al van staal zijn om hier je nu en dan niet tot een aankoop te laten verleiden.  
Saint-Rémy is de geboorteplaats van Nostradamus en het toevluchtsoord van de psychotische Vincent Van Gogh. Er is een schilderijenwandelroute uitgestippeld tot aan het Saint-Paul-de Mausole, het klooster waar de kunstenaar naar geestelijke rust zocht en zijn demonen in verschillende schilderijen van zich afpenseelde.
Zowel in Arles als hier werd hij destijds miskend en leefde hij in de grootste armoede. Vincent is nu de voornaamste trekpleister en ‘het geld in het toeristische laatje’ van de stadjes. Iedereen pikt hier ondertussen een graantje mee van de beroemde naam: Hotel Van Gogh, restaurant Vincent enz.
Als je tijdens een mistralwind in de omgeving van Saint-Rémy wandelt, dan begrijp je ineens veel beter met welke blik en gemoedstoestand Vincent deze omgeving schilderde. Je wandelt in een Van Gogh schilderij met de grillige bergwanden als ‘scenery’ achtergrond. De mistral rukt aan de cypres- en de olijfbomen. De klaprozen deinen als rode confetti heen en weer en de blauwe irissen worden door de rukwinden omvergeblazen. Vincent zag tijdens zijn leven geen cent voor zijn werk, maar iedereen die later ook maar één schilderij van hem in zijn bezit kreeg zag zijn rijkdom alleen maar toenemen. Je zou jezelf van minder frustratie een oor afsnijden.
Het is vandaag 25 mei en Pinksteren.  Pinksteren, een hoogdag voor de Pinkster- gemeenschap, voor de anders gelovigen een zelfgefantaseerde heiligendag, voor de atheïsten een gratis meegenomen vakantiedag, voor de Antwerpenaren het begin van de Sinksenfoor, een zesweken durende kermis en voor Saint-Rémy de dag van de Transhumance. Duizenden schapen worden door de herders langs de buitenring rond het stadje voortgedreven. Het idee dat ze straks weer lekker kunnen grazen op de sappige weiden, doet hun vrolijk mekkerend achter en tegen elkaar voorstappen. De tweede keer dat ze dit rondje moeten lopen, voor de gratie van de honderden foto’s makende toeristen, vinden ze al minder prettig. De tongen hangen al uit de dorstige schapenkoppen en hun ogen kijken al minder happig in de achterkant van hun schapencollega’s.
Wij stappen naar de dienst voor toerisme en kopen er een wandelkaartje. De rondwandelingen zijn in rood, blauw, zwart, purper, oranje, groen en roze op de kaart aangeduid. De bewegwijzeringen ter plaatse zijn echter allemaal in het GR rood/wit of in het geel. Dit blijkt voor manlief al een verwarrende combinatie te zijn. We trekken de Alpilles in en na een uur gaat onze tocht al volledig de mist(ral) in. In plaats dat de aanwijzingen bij elke splitsing goed duidelijk aangegeven worden, moeten we weer elk een tiental meter een kant uitstappen om opnieuw een streepje kleur te vinden. De wandeluitleg is uiterst summier en zonder dat je het goed en wel beseft, gaat de ene geelbewegwijzerde wandeltocht over in de andere en stap je de verkeerde richting uit.  Manlief foetert dat hij die gele strepenman met zijn verfpot wel eens zou willen tegenkomen en dat hij die GR bewegwijzeringvrijwilliger zijn gedacht wel eens zou willen zeggen. Dat hij, op het einde van ons verblijf hier,  de wandelkaart met veel spektakel op het bureau van de dame van de dienst voor toerisme zal deponeren. Hij zal er haar op wijzen dat de uitleg uiterst verwarrend is en dat de ‘plaatsaanduidingsidioten’ en de burgemeester en de schepenen van het plaatselijke toerisme er geen kl…van kennen! “Ze moesten beschaamd zijn dat ze voor zulke misleidende kaartjes nog geld voor durven vragen ook!” Ach ik laat hem maar uitrazen ik weet ondertussen uit jarenlange ondervinding dat er bij manlief maar een minimale ruimte in zijn hersenpan voorzien werd voor het kaartlezen en oriëntatiegedeelte. Als je met manlief de Antwerpse Meir richting Grote Markt afloopt en je het aandurft om in een winkel binnen te stappen, hoef je hem maar tweekeer rond een molen hemden te laten draaien om dan tot de ontdekking te komen dat hij gegarandeerd niet meer weet van welke kant hij kwam en welke richting hij nu uit moet. Om de oriëntatiehutsekluts in manlief zijn hersenen te kunnen ontrafelen, heb je een heel gesofisticeerde en geavanceerde computer nodig en dan nog... Ik ben dan wel blond, maar kaartlezen kan ik als de beste. Ik versla zelfs met vlag en wimpel de gps madame. Een gewaarschuwde vrouw is er twee waard en dus smokkel ik reeds jaren een mini overlevingspakket met eten, fruit en water in de rugzak mee, want een wandeling van vier uurtjes kan al flink uitgroeien tot een volledige dagmars. In het begin stap ik nog steeds gedwee achter mijn kaartlezende analfabeet aan totdat mijn oriëntatiegevoel op de rem gaat staan en ik ervan overtuigd ben dat hij ons weer een paar extra niet bewegwijzerde kilometers laat klimmen en dalen. Dit draait steeds uit op oeverloze discussies, waar we ons juist op de kaart bevinden en welke richting we uit moeten. Als hij naar links zegt, dan weet ik al bij voorbaat dat de juiste weg naar rechts leidt. Al een paar keer in het verleden, stampvoette ik dat hij zijn eigen twee oriëntatiehersencellen maar moest volgen maar dat ik zowiezo de andere kant uitwandel. Als hij vanavond dan niet naast mijn caravanbed staat, zal ik samen met de campingbeheerder wel een zoekactie organiseren. Meestal drentelt manlief dan binnensmonds mompelend achter mij aan en wil, nadat wij na een half uurtje terug op de camping staan, nog steeds niet toegeven dat hij de verkeerde kant wou uitwandelen. Ach, begin in het buitenland, met zo’n oriëntatiegenie nooit alleen aan een bergwandeling, een jungletocht of een safari zonder de plaatselijke bevolking te informeren. Zij moeten indien ze ons binnen de week niet terugzien, het leger met een rescue- helicopter mobiliseren en die kwistig de nodige overlevingsvoedselpakketten laten uitstrooien.  Dus als jullie de komende weken geen verhaaltjes meer toegestuurd krijgen, betekent dit ofwel, dat ik misschien geen wifi/internet op de camping meer heb, maar het kan ook zijn dat ik zonder nadenken noch tegenspraak en zonder enige twijfel, manlief op een wandeling gevolgd ben. Waarschijnlijk ben ik nu dan nog steeds aan mijn survivaltocht in het Van Gogh decor bezig en heeft men ons nog steeds niet teruggevonden.
 
Sim,         Saint-Rémy-de-Provence    25 mei 2015    
                                                                                                                                               
                                                                                                                                                                                                                               

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Ik hoor heel graag van jullie wat jullie van mijn verhaaltjes vinden ?